Kernmomenten in de geschiedenis van de Poolse mennonieten

Auteur: MichałTargowski

Vanaf hun hoopvolle aankomst in de zestiende eeuw tot hun trieste vertrek in 1945,maakten mennonieten een belangrijk deel uit van de Poolse geschiedenis. In Polen woonde ooit de grootste groep mennonieten ter wereld.

Welkom, én gevreesd
Rond 1550 vestigden de eerste mennonieten zich in Polen. Hun migratie van Nederland naar de vallei en de delta van de rivier de Vistula riep uiteenlopende reacties op bij de plaatselijke bevolking. Ze werden gezien als een bedreiging voor zowel de Rooms-katholieke kerk als de andere protestante kerken, maar ook als gevaarlijke concurrenten voor banen in de steden. Tegelijkertijd waren ze van harte welkom vanwege hun bekwaamheid in het bebouwen van moerasland. Van tijd tot tijd probeerden bisschoppen en edelen de mennonieten weg te krijgen, maar ze bleven in Polen, gesteund door koningen, landheren en bestuurders van landgoederen.

Polen stond in die tijd bekend om zijn bij de wet vastgelegde religieuze tolerantie. De Poolse mennonieten werd geloofsvrijheid en bescherming tegen vervolging beloofd. Dit kon hen helaas niet vrijwaren van de gevolgen van de noordelijke oorlogen die in de zeventiende en achttiende eeuw in het gebied woedden. Geweld van rondzwervende troepen en epidemieën maakten in de mennonieten nederzettingen veel slachtoffers.

Verloren vrijheid
Meer dan twee eeuwen lang was het Pools-Litouwse Gemenebest een plaats waar de mennonieten volgens hun geloof en tradities konden leven. Dit veranderde volledig in 1772 en 1793, toen Polen opgedeeld werd en het gebied waarin de mennonieten leefden ingelijfd werd bij Pruisen. De nieuwe vorst legde nieuwe voorschriften aan de mennonieten op. Ze moesten van nu af aan elk jaar een enorme geldsom betalen om gevrijwaard te blijven van militaire dienst, en mochten alleen nog maar boerderijen kopen die al in eigendom van mennonieten waren. Dit zorgde voor een nieuwe migratiegolf naar het Oosten. Sommige families vestigden zich in Plock en Warschau, maar de meeste gaven gehoor aan de uitnodiging van de Russische keizerin Catharina II om steppen te komen koloniseren. De families die in Pruisen achterbleven identificeerden zich meer en meer met de Duitsers, en in 1870 verloren ze hun strijd om vrijwaring van militaire dienst. Ondertussen bracht een nieuwe migratiegolf veel mennonieten van Pruisen naar Noord- en Zuid-Amerika.

Na de Tweede Wereldoorlog  werden de mennonieten beschouwd als Duitsers. Daarom werden ze medeverantwoordelijk gehouden voor de wandaden in de Tweede Wereldoorlog. Begin 1945 werden ze gedwongen het land te verlaten. De meesten vluchtten naar Duitsland en de Verenigde Staten. Zo kwam er een dramatisch en pijnlijk einde aan meer dan vierhonderdjaar mennonieten in Polen.

Vertaler: Eliza  ten Kate