‘Gelijke rechten voor alle soorten geloof’

Auteur: Ulrich Hettinger

Hermann vonBeckerath werd geboren in een weversfamilie in Krefeld. In 1815 begon hij een opleiding tot bankier, en binnen een paar jaar had hij een leidinggevende positie. Hij werd gedreven door ambitie en een strenge arbeidsethos, en maakte binnen twee decennia deel uit van de vooraanstaande burgers van Krefeld. Hij stichtte zijn eigen bank, zat in de gemeenteraad van Krefeld, was voorzitter van de Kamer van Koophandel en vanaf 1840 één van de toonaangevende liberalen in het Pruisische Rijngebied.

Van 1843-1845, een periode van toenemend conflict tussen de burgers en de autoriteiten, was vonBeckerath lid van het Rijnlandse parlement. Zijn portefeuille was tolheffing en handel, en hij streed voor gelijkheid voor Joden en dissidenten, en voor liberale hervorming van de Pruisische staat. Hij werd vooral populair door de debatten die hij voerde tijdens de eerste zitting van het Pruisische parlement in 1847, waar hij zich een fervent voorvechter toonde van een grondwet voor alle inwoners van Pruisen. ‘Mijn wiegje stond naast mijn vaders weefgetouw’, met deze beroemde woorden sprak hij de Pruisische adel in het parlement toe. Net als de andere vertegenwoordigers van het Rijnlandse liberalisme, streefde de politicus naar een liberale herstructurering van de Pruisische monarchie. Hij wilde er een constitutionele monarchie van maken.

Na de revolutionaire gebeurtenissen van maart 1848 werd vonBeckerath lid van het parlement van Frankfurt, en werkte hij tevens als minister van financiën. Hij was voorstander van het stichten van een democratische Duitse republiek, zonder Oostenrijk, onder leiding van Pruisen. Toen de Pruisische koning uiteindelijk de door de Keizer aangeboden kroon weigerde, trad een zwaar teleurgestelde vonBeckerath af. Na de revolutie bleef hij tot 1852 aan als lid van het Pruisische Lagerhuis. In de jaren daarna trok hij zich volledig terug uit de politiek, en richtte hij zich op de zakenwereld en de plaatselijke politiek. Hermann vonBeckerath overleed in mei 1870, vlak voor het uitbreken van de Franco-Pruisische oorlog.

Zijn opvattingen en acties waren geïnspireerd door een door piëtisme geïnspireerd doperdom, liberaal-constitutionele waarden, en een diepgewortelde vaderlandsliefde. Dit komt naar voren in zijn steun aan de Pruisische monarchie en zijn oproep tot gelijke rechten voor alle soorten geloof, maar ook in zijn fervente steun voor de dienstplicht, die hij zag als een essentiële tegenhanger van liberale rechten en vrijheden. Ondanks het verzet van zijn 'orthodoxe' geloofsgenoten, bleef hij bij dit standpunt.

Vertaling: Eliza ten Kate