Duitsland Noord

  

Taal: Duits

Religies: Protestant 34%, Rooms-Katholiek 34%, Moslim 3,7%

Bevolking: 81 miljoen

Hoofdstad: Berlijn

Doopsgezinden in Duitsland

AMG ; AMBD ; BTG

Aantal doopsgezinde Gemeenten: 60

Aantal Russlanddeutsche Gemeenten: 182

 


‘Gelijke rechten voor alle soorten geloof’

Auteur: Ulrich Hettinger

Hermann vonBeckerath werd geboren in een weversfamilie in Krefeld. In 1815 begon hij een opleiding tot bankier, en binnen een paar jaar had hij een leidinggevende positie. Hij werd gedreven door ambitie en een strenge arbeidsethos, en maakte binnen twee decennia deel uit van de vooraanstaande burgers van Krefeld. Hij stichtte zijn eigen bank, zat in de gemeenteraad van Krefeld, was voorzitter van de Kamer van Koophandel en vanaf 1840 één van de toonaangevende liberalen in het Pruisische Rijngebied.

Van 1843-1845, een periode van toenemend conflict tussen de burgers en de autoriteiten, was vonBeckerath lid van het Rijnlandse parlement. Zijn portefeuille was tolheffing en handel, en hij streed voor gelijkheid voor Joden en dissidenten, en voor liberale hervorming van de Pruisische staat. Hij werd vooral populair door de debatten die hij voerde tijdens de eerste zitting van het Pruisische parlement in 1847, waar hij zich een fervent voorvechter toonde van een grondwet voor alle inwoners van Pruisen. ‘Mijn wiegje stond naast mijn vaders weefgetouw’, met deze beroemde woorden sprak hij de Pruisische adel in het parlement toe. Net als de andere vertegenwoordigers van het Rijnlandse liberalisme, streefde de politicus naar een liberale herstructurering van de Pruisische monarchie. Hij wilde er een constitutionele monarchie van maken.

Na de revolutionaire gebeurtenissen van maart 1848 werd vonBeckerath lid van het parlement van Frankfurt, en werkte hij tevens als minister van financiën. Hij was voorstander van het stichten van een democratische Duitse republiek, zonder Oostenrijk, onder leiding van Pruisen. Toen de Pruisische koning uiteindelijk de door de Keizer aangeboden kroon weigerde, trad een zwaar teleurgestelde vonBeckerath af. Na de revolutie bleef hij tot 1852 aan als lid van het Pruisische Lagerhuis. In de jaren daarna trok hij zich volledig terug uit de politiek, en richtte hij zich op de zakenwereld en de plaatselijke politiek. Hermann vonBeckerath overleed in mei 1870, vlak voor het uitbreken van de Franco-Pruisische oorlog.

Zijn opvattingen en acties waren geïnspireerd door een door piëtisme geïnspireerd doperdom, liberaal-constitutionele waarden, en een diepgewortelde vaderlandsliefde. Dit komt naar voren in zijn steun aan de Pruisische monarchie en zijn oproep tot gelijke rechten voor alle soorten geloof, maar ook in zijn fervente steun voor de dienstplicht, die hij zag als een essentiële tegenhanger van liberale rechten en vrijheden. Ondanks het verzet van zijn 'orthodoxe' geloofsgenoten, bleef hij bij dit standpunt.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Vereniging van Duitse mennonieten

Auteurs: Corinna Schmidt, Joel Driedger

In verscheidene Noord-Duitse steden zijn mennonieten gemeenten. De meeste zijn te vinden in en om Krefeld en Hamburg, maar er zijn er ook in Berlijn, Neuwied, Bielefeld en een aantal andere plaatsen. Hiervanhebben zichveertien gemeenten verenigd in de sedert 1886 opgerichte VDM (‘Vereinigung der DeutschenMennonitengemeinden’), die ongeveer 21.000 leden telt.

Werken aan een gemeenschap
In de VDM ontmoeten predikanten elkaar voor theologische discussies en om lokale onderwerpen te bespreken. Jeugdwerkers organiseren zomerkampen en speciale evenementen voor kinderen, tieners en jongvolwassenen. Er is ook een organisatie gericht op vrouwen. Tevens geeft de VDM training aan lekenpredikers die intensief bij de gemeente betrokken zijn.

Samenwerking met andere kerken
Afgevaardigden van de VDM waren aanwezig bij de oprichting van de Wereldraad van Kerken (=WCC: ‘World Council of Churches’) in Amsterdam in 1948. Bij de Duitse mennonieten leefde er na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog een sterk verlangen naar een sterkere band tussen alle christelijke kerken.
De WCC bestaat nu uit bijna 350 kerken en heeft ongeveer 550 miljoen leden. Mennonieten staan in verbinding met christenen in de hele wereld.

Ook vandaag de dag zijn zij overtuigd van de noodzaak voor christenen om met elkaar te zoeken naar geweldloze oplossingen voor conflicten, zodat de wereld een betere, en vreedzame plaats wordt.

Gemeenten die lid zijn van de VDM zijn ook lid van de Vereniging van Duitse Kerken (ACK). Door al deze verbindingen zijn mennonieten ervan overtuigd geraakt dat ze van andere kerken kunnen leren, en hun eigen inbreng in de dialoog wordt als belangrijk ervaren.

Geloof en vrede
De VDM wil laten zien dat de boodschap van Jezus goed nieuws kan zijn voor iedereen. Mennonietenzijn er van overtuigd dat geloof in Jezus Christusopenheid, tolerantie, sociale betrokkenheid en vrede met zich meebrengt. Het geloof motiveert ons om anderen te helpen. Mede hierom richtte de VDM het MennonietenVredescentrum in Berlijn op, waar gewerkt wordt aan vrede in probleemwoonwijken en zorg wordt besteed aan sociaal zwakkeren. In onze gemeenten is plaats voor iedereen. We doen ons best om conflicten op een vreedzame manier op te lossen. De VDM inspireert haar leden om hun geloof verder te verdiepen, en tegelijkertijd actief in hun gemeente te zijn.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Tolerantie en vrijheid van godsdienst

Auteurs:Fernando Enns, Joel Driedger

In Duitsland hebben religieuze groeperingen de vrijheid om hun geloof uit te oefenen zonder toezicht van de staat, zolang ze de grondwet niet schenden. Dit betekent dat de mennonieten hun geloof kunnen beoefenen zonder beperkingen, en hun kerkdiensten kunnen bijwonen zonder angst voor onderdrukking door de staat. Dat is echter niet altijd zo geweest.

Mennonieten vervolgd
De wederdopers van vijfhonderd jaar geleden hadden zware kritiek op de heersende kerk en  haar nauwe samenwerking met de politieke machthebbers. Zijweigerden om aan oorlogen deel te nemen of geloften af te leggen. Een andere uiting van hun overtuiging was de volwassenendoop, opdat de gemeente alleen uit overtuigde christenen bestond. Tegenstanders van dit doperse gedachtengoed zagen deze ideeën als een groot gevaar voor de stabiliteit van de samenleving, en daarom werden de dopers hevig vervolgd.

In de loop der eeuwen nam de tegenstand af. Mennonieten werden niet langer vervolgd in alle delen van het Duitse Rijk, maar ze waren wel verplicht hun kerkdiensten te houden in particuliere huizen. Ze genoten niet helemaal dezelfde vrijheden als anderen. Ze vestigden zich daarom in de gebieden waar ze getolereerd werden, ook al moesten zij zich onderwerpen aan de strenge beperkingen van de politieke bestuurders.

Gelijke rechten voor iedereen
Hun eigen pijnlijke ervaringen in het verleden waren een cruciale reden voor de vroege dopers om op te roepen tot religieuze tolerantie en vrijheid van godsdienst. Deze liberale filosofie is tot op heden een integraal onderdeel gebleven van het karakter van de gemeenten in Noord-Duitsland. Een bekende mennoniet die in de politiek pleitte voor deze waarden was Herman vonBeckerath (1801-1870). Hij werd verkozen in het parlement van de eerste Duitse nationale vergadering in1848 in Frankfurt, en was kort werkzaam als minister van financiën.

Hij bepleitte gelijke rechten voor de mennonieten ten opzichtevan de rechten van andere burgers. In ruil daarvoor vroeg hij zijn geloofsgenoten wel om de dienstplicht te accepteren. Hij was kennelijk bereid om het principe van geweldloosheid en dienstweigering op te offeren ten gunste van een volledig burgerschap en vrijheid van godsdienst.

Vrijheid zonder geweld
Na de Tweede Wereldoorlog heeft het even geduurd voordat de mennonieten in Noord-Duitsland terugkeerden naar het standpunt van geweldloosheid. In 2009 nam de Vereniging van Duitse Mennonieten Gemeenten de 'Declaration on Just Peace'  aan. De gewetens- en godsdienstvrijheid die de doperse beweging vroeger opeiste, is een persoonlijke vrijheid geworden. In het openbaar maken de mennonieten zich sterk om deze tolerantie naar alle godsdiensten en overtuigingen te bevorderen.

Vertaling: Eliza ten Kate 


De ‘Pax Boys’ – Onze vredesengelen

Auteur: Isabel Mans

'Wij zagen ze als engelen', zei een vrouw die ze aan het werk had gezien. De vredesengelen die ze bedoelde waren jonge mannen die na de Tweede Wereldoorlog als dienstweigeraar uit de Verenigde Staten naar Duitsland gestuurd waren om te helpen met de wederopbouw. Zij deden vredeswerk via de hulporganisatie Mennonite Central Committee (MCC).

Liefde als levensfilosofie
Roger Hochstetler kwam in 1951 naar Duitsland om zijn solidariteit met de Duitsers te tonen. Ook al had Duitsland de wereld onvoorstelbaar veel leed berokkend, toch voelde Hochstetler zich betrokken bij zijn christelijke broeders en zusters in dat land. De meeste Amerikanen in die tijd haatten de Duitsers, maar Hochstetler zei: ‘Liefde is altijd mijn levensfilosofie geweest, we bouwden huizen om oorlogsslachtoffers te helpen’.
The Pax Boys bouwden nederzettingen voor vluchtelingen met een mennonieten achtergrond uit Pruisen en Rusland, en richtten er nieuwe gemeenten op.

Ambassadeurs in de naam van Christus
De Pax Boys kwamen in 1950 naar Duitsland 'In Christus' naam', wat tevens het motto van de MCC is. Ze wilden 'Ambassadeurs van de vrede' zijn; ze leefden in eenvoudige accommodaties, sloegen een salaris af, en betaalden zelfs 75 dollar per maand om aan het project deel te mogen nemen. Dwight Wiebe schreef:

De betekenis van vrede is een tijd om te herstellen, om te zorgen, om te repareren... Ik kwam in de jaren vijftig in Europa aan, en ontmoette daar dertig jonge Pax Boys, tussen de achttien en de 22 jaar oud, die naar Duitsland waren gekomen om hun christelijke geloof in daden om te zetten. Ze waren er allemaal klaar voor om ambassadeurs van de vrede te zijn.

Zonder aanwijzingen vooraf of professionele hulp groeven ze kelders, legden ze funderingen en bouwden ze huizen met slechts eenvoudig gereedschap. Plaatselijke kranten schreven verbazingwekkende artikelen over de Pax Boys' bereidheid om huizen voor vreemdelingen te bouwen – voor gewezen vijanden.

Tastbare daden van vrede
Acht Pax Boys hadden vijf maanden nodig om een kerkzaal in Krefeld te bouwen. Dit betekende een grote besparing voor de gemeente, zowel qua geld als qua tijd. In de stad Wedel bij Hamburg werden tussen 1954 en 1958 een kerkzaal en elf woningen gebouwd. Aan het eind van de jaren vijftig woonden er 120 mensen. De Pax Boys droegen ook bij aan het jongerenwerk en hielpen om de gemeente in Wedel op te bouwen. In een landschap verwoest door oorlog waren ze een zichtbaar teken van vrede.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Vrede in het centrum van Berlijn

Auteurs: Martina Basso, Marius van Hoogstraten

Bij mennonieten staat vrede centraal in de theologie. Maar vrede kan afhankelijk van tijd en plaats verschillende betekenissen hebben. Daarom nam de Vereniging van Duitse Mennonieten Gemeenten (VDM) in 2009 uitgebreid de tijd om na te denken over wat het vredesgetuigenis vandaag de dag betekent. Dit leverde de 'Declaration on Just Peace' op. Naast een theologisch gedeelte omschrijft deze Verklaring ook 'oefenterreinen voor vrede en geweldloosheid', wat leidde tot het oprichten van het Berlin MennonitePeace Centre.
    
Een cultuur van Vrede
Het werk dat in het Berlin MennonitePeace Centre gedaan wordt heeft de Verklaring als basis, en is bedoeld om te laten zien hoe een 'vredescultuur' eruit zou kunnen zien. Wat betekent het om een vredeskerk te zijn in een grote stad vol diversiteit, en tevens een belangrijke hoofdstad? In de Verklaring schrijft de VDM:  'De taak van vrede is niet beperkt tot het stoppen van geweld. De bedoeling is ook om structuren te creëren die bij kunnen dragen aan een rechtvaardige en langdurige vrede.'

Wat betekent vrede in de praktijk?
Voor ons betekent dit het meewerken aan de opbouw van netwerken die geweld willen voorkomen. Zo draaien we mee in een netwerk van mensen en organisaties in probleemwijken van Berlijn. Tevens geven we cursussen over het voorkomen van geweld door sport, en we zijn een ontmoetingsplek, waar mensen uit verschillende culturen en van uiteenlopende religies kennis met elkaar kunnen maken. Ook werken we samen met de Brethren in Christ in Zimbabwe.We laten de samenleving en andere kerken kennis maken met het vredesgetuigenisen zoeken naar oplossingen voor de conflicten waarmee ze geconfronteerd worden. We organiseren 'bidden voor vrede' en blijven zoeken naar een 'vredesspiritualiteit' die geloofs- en regionale grenzen overschrijden. Tenslotte ondersteunen en adviseren we mennonieten gemeenten en instellingen bij hun vredeswerk.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Doopsgezinden in Pruisen, Polen en Rusland

Auteur: Peter Klassen

Toen de doperse beweging in de zestiende eeuw opkwam, leidde haar principesvan volwassenendoop en vredestheologie al snel tot ernstige vervolging. Gelukkig kon Polen, waar goede boeren en ervaren handelaren altijd welkom waren, een toevluchtsoord bieden. Op die manier ontstond er een aantal mennonieten gemeenschappen, vooral in de Vistula (Weichsel) delta, een regio die opvallend tolerant was in een tijdperk gekenmerkt door religieuze onverdraagzaamheid. De mennonieten boeren legden een netwerk van kanalen en dijkenaan waardoor de landerijen werden beschermd. Hun bedrevenheid in deze droogleggingstechnieken zorgde ervoor dat de opbrengsten van het land toenamen.Andere mennonieten, slimme handelaren, vestigden zich aan de rand van Gdansk (Danzig) en in steden in de Vistula delta.

Ketters of ware gelovigen?
Het is geen verrassing dat deze non-conformisten af en toe beschuldigd werden van ketterij.Zo werd bijvoorbeeld in Gdansk tijdens een enorm spektakel, aan de mennonieten gevraagddeze beschuldigingen officieel te weerleggen. En in 1678 moesten zij zich verantwoorden voor de bisschop van Wloclawek (Leslau) over diverse theologische onderwerpen. Toen het verhoor voorbij was, was de gemeente vrij van verdenking. Aldus het verslag van Georg Hansen, voorganger van de Vlaamse gemeente in Gdansk.
In dezelfde jaren sprak een aantal religieuze machthebbers in Polen zich uit tegen de vestiging van mennonieten. Maar de Poolse regering bleef opvallend tolerant.

Demennonieten brachten vele vaardighedennaar de Vistula delta. Vooral het vermogen om overstromingen te controleren door het bouwen van strategisch geplaatste dijken,stelde hen in een positief daglicht. De landheer van NowyDwór (Tiegenhof) nodigde hen dan ook uit om in zijn gebied te komen wonen.Al snel ontstonden er zo meerdere nederzettingen in deVistula Delta. De gunstige reputatie van mennonieten boeren zorgde ervoor dat ze op steeds meer plekken welkom waren.

Doperse principes blijven belangrijk
Er ontstonden problemen toen de Vistula Delta onder Pruisisch bestuur kwam. De nieuwe heersers hadden weinig sympathie voor de pacifistische ideeën van de mennonieten. De verplichting om in het leger te dienen zorgde voor nieuwe discussies in de gemeenschap. Sommige oudstenin West-Pruisen spoorden de gemeenten aan om hun pacifistische standpunt los te laten. Langzamerhand ontstond er een verdeeldheid binnen de gemeenten. En tegen het einde van de achttiende eeuw verhuisdenmennonieten families naar Rusland, waar Catharina II hen vrijheid van geloofverleende. Enige tijd later emigreerde een andere groep naar Amerika. De mennonieten die nog wel bleven,in de zich steeds verder uitbreidende Duitse staat, lieten hun pacifistische standpunt op den duur meestal varen. Later, na de nederlaag van Duitsland in 1945, vluchtten veelvan hen naar West-Duitsland.Slechts een klein aantal keerde naar hun ‘oude thuis’terug.

Vertaling: Eliza ten Kate 


De schuilplaats van Menno Simons

Auteur: Hans-JürgenGoertz

Aan de noordkant van het dorpje Bad Oldesloe in Duitsland, onder een majestueuze lindeboom, bevindt zich een witgekalkt huisje met een rieten dak, de ‘Menno Kate’. De Kate is een herinnering aan de laatste jaren van Menno Simons (1496-1561), die de mennonieten hun naam gaf. Nadat Menno in 1544 uit de stad Wismar verbannen was, vond hij onderdak op het landgoed Fresenburgnabij Wüstenfelde, waar hij in alle rust aan zijn publicaties kon werken. Hier schreef hij brieven aan gemeenten en besprak hij controversiële onderwerpen zoals kerkelijke tucht met andere kerkelijke leiders.

De geheime boekdrukkerij
Menno Simons woonde op het landgoed samen met een groep dopers die toestemming hadden gekregen om zich daar te vestigen. Het dorpje Wüstenfelde werd later tijdens de Dertigjarige Oorlog verwoest. Het is niet zeker of de ‘Menno Kate’ van nu deze oorlog heeft overleefd of op precies dezelfde plek weer is opgebouwd. Men denkt dat Menno hier woonde in de periode van het drukken. In de lente van 1554 en in de zomer van 1556 kreeg hij toestemming om de drukkerij te gebruiken. Ondanks het algemene verbod op het drukken van doperse literatuur, weten we dat vier van zijn boeken, waaronder zijn beroemde Fundamentenboek in deze tijd zijn uitgegeven. Nadat de drukkerij voorgoed gesloten was bleef Menno wonen in Wüstenfelde. Hij overleed op 13 januari 1561, en is naar verluidt begraven in een koolveld, vijf kilometer verwijderd van de Menno Kate.

Van schuilplaats naar museum
Sinds 1902 staan er ter nagedachtenis aan Menno Simons,een gedenksteen en een bronzen plaquettebij de ‘Menno Kate’. Het huisje staat op de monumentenlijst. Het wordt gehuurd door de Vereniging van Duitse Mennonieten Gemeenten en wordt onderhouden door de Duitse ‘doopsgezinde’ Historische Kring. In de jaren zestig van de vorige eeuw is het gerestaureerd en ingericht als klein museum, waar boeken, kaarten en afbeeldingen uit de rijke geschiedenis van de mennonieten tentoongesteld worden. In 1986 werd het verder gerenoveerd, en sinds 1999 is het open voor bezoekers.

Symbool van verzoening
De bejaarde lindeboom die volgens sommigen door Menno zelf is geplant, wordt de Menno-Linde genoemd. Een aantal jaar geleden werden twee beuken, één vlakbij het huisje en één in Wittenberg, geplant door mennonieten. Beide bomen bevestigen de recente verzoening tussen de lutherse kerken en de mennonieten.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Oecumene – Voor Vrede, Gerechtigheid en Heelheid van de Schepping

Auteur: Fernando Enns

Vanaf het eerste begin van de oecumenische beweging in de twintigste eeuw was het belangrijk voor doopsgezinden om een goede relatie met andere kerken op te bouwen. Ze waren betrokken bij het oprichten van de Wereldraad voor Kerken (WCC), nu een gemeenschap van 350 kerken met ongeveer 550 miljoen leden wereldwijd.

Oorlog gaat in tegen de wil van God
Het oprichten van de WCC was een reactie op de verschrikkingen van twee wereldoorlogen. De kerken erkenden hun falen, en vooral de Duitse kerken gaven hun schuld toe. Overeenkomstig dit gevoel zei de WCC : 'Oorlog gaat in tegen de wil van God.' Vanaf dat moment heeft de oecumenische beweging gestreden voor gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping. De andere kerken in de WCC wilden meer leren over de theologie van de 'historische vredeskerken', en de doopsgezinden hebben de mogelijkheid gekregen om hun standpunt in vele oecumenische discussies duidelijk te maken.

Decennium van Vrede en Geweldloosheid
Tijdens de achtste bijeenkomst van het WCC in Zimbabwe (1998) kwam een doopsgezinde afgevaardigde met het idee voor een 'Decennium van Vrede en Geweldloosheid: Kerken voor Vrede en Verzoening', waar iedereen enthousiast op reageerde. De oecumenische beweging zocht naar methoden van geweldloosheid, zowel in theologische en ethische als in praktische zin.

De doopsgezinden stonden nu voor de uitdaging om hun eigen standpunt ten opzichte van vrede en geweld te bepalen, en om hun theologie aan andere christelijke kerken over te brengen. Het omvangrijke document ‘Verklaring over Rechtvaardige Vrede’ (A Declaration on Just Peace)  werd samengesteld, en in Berlijn werd een Mennonieten Vredescentrum opgericht.

Een Pelgrimstocht van Rechtvaardige Vrede
Tijdens de conferentie van de WCC (Zuid-Korea 2013) werd besloten om de komende jaren te wijden aan: 'A Pilgrimage of JusticeandPeace’, dit als vervolg op het Decennium van Vrede en Geweldloosheid. Opnieuw waren doopsgezinden integraal betrokken bij het proces. Het doel is om de spirituele wortels en bronnen van het christelijke geloof nog dieper te onderzoeken, om een rechtvaardige en vredige wereld te creëren, en om christenen te voorzien van nieuwe inzichten en dimensies in hun betrokkenheid bij het politieke en sociale leven van de gemeenschap waarin zij leven. Dit zal hopelijk leiden tot de overtuiging dat het evangelie de kracht heeft om de wereld te veranderen – zelfs te midden van geweld en onrechtvaardigheid.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Academische Theologie en Vredeswerk

Auteur: Fernando Enns

Het Instituut voor Vredestheologie van de Universiteit van Hamburg is in 2006 opgericht als het eerste academische instituut voor doperse theologie.

Tot die tijd moesten studenten voor een opleiding als leraar of pastoraal werker, of die geschiedenis en theologie vanuit een dopers perspectief aan hun studie wilden toevoegen, naar de Verenigde Staten, of naar het Doopsgezind Seminarium in Amsterdam.

Vredestheologie
De grootste bijdrage die de mennonieten hebben geleverd aan het internationale oecumenische debat is hun vredestheologie, die gebaseerd is op het uitgangspunt van geweldloosheid.

Het centrale thema van deze theologie, zoals die voor het eerst gepredikt werd door de wederdopers in de zestiende eeuw, is dat het christelijke geloof een levensstijl zou moeten zijn gekenmerkt door een actieve betrokkenheid bij gerechtigheid en vrede zonder geweld, en een toewijding aan deintegriteit van de schepping. Deze visie heeft belangrijke implicaties voor alle andere aspecten van de theologie:

Ten eerste de manier waarop de theologie wordt uitgevoerd, ten tweede de inhoud van de theologie zelf. Louter door haar aard is vredestheologie oecumenisch, en verbonden met andere kerken, tradities en culturen, en creëert ze een dialoog met andere religies.

Daarom werkt het Instituut nauw samen met de Missions Academy en de Academy of World Religions aan de Universiteit van Hamburg.

Vredeswerk in de volledige zin des woords
Deze opvatting over vredestheologie moet niet alleen beperkt blijven tot  theologische debatten. Als we geweld in al zijn aspecten begrijpen – zowel direct door een individu, indirect door een politiek of financieel systeem, of cultureel,denk aan alle soorten discriminatie – dan betekent dat automatisch dat de behoefte om geweldloosheid te creëren aanwezig moet zijn in alle aspecten van het leven.

Het eerste wat het Instituut deed was het oprichten van een 'Interdisciplinaire Werkgroep voor Vredeswerk', waar academici uit verschillende disciplines samenwerken. We creëerden een programma van vredesonderwijs voor studenten uit alle vakgebieden waarin theologie en religie een belangrijke rol spelen.

Sinds 2011 biedt het Instituut tevens een speciale cursus in mediation. Een openbaar forum, het mennoFORUM, is opgericht in samenwerking met de mennonieten gemeente Hamburg, met als doel het bespreken van actuele onderwerpen met kopstukken uit de politiek, economie, cultuur en religie. Het Instituut heeft ook enkele publicaties uitgebracht die aantonen dat vredestheologie en vredesonderwijs een belangrijke stem hebben. Zowel binnen als buiten de academische wereld is het belangrijk die stem te blijven horen.

Vertaling: Eliza ten Kate 


Christian Peacemaker Teams Europe (CPT)

Auteur: Marius van Hoogstraten

Over de hele wereld leven miljoenen mensen op plaatsen waar gewapende groeperingen, soldaten of milities de dienst uitmaken. Miljoenen anderen hebben hun land moeten verlaten en zijn op de vlucht. Je hoort vaak: ‘Ach, zo gaat het nou eenmaal in de wereld’. Soms heerst het idee dat het enige wat we voor deze mensen kunnen doen het sturen van een leger is. Maar dat maakt de oorlog alleen maar erger.

Aanpak op de werkvloer
Christian Peacemaker Teams proberen andere oplossingen te vinden. We gaan naar plaatsen waar (oorlogs-)geweld heerst, om samen met lokale bewoners aan de vrede werken. We gebruiken geen wapens maar maken foto's en aantekeningen. Soldaten en andere gewapende groeperingenherkennen ons aan onze hesjes en petten. Daardoor zijn ze minder snel geneigd om geweld te gebruiken.Ze weten dat er op ze wordt gelet.

Vroeger meenden we tamelijk uniek te zijn in onze aanpak. Tegenwoordig weten we dat de lokale bevolking zelf ook oplossingen vindt om zich geweldloos te verzetten. Ook in situaties waar zij zich verzetten tegen multinationalsdie hun leefomgeving verwoesten.
Door middel van publicaties en videofilmpjes proberen we deze lokale grassroot- vredeswerkers mentaal te ondersteunen en internationale bekendheid te geven.  

Geweldloos verzet
Voorbeelden zijn: het vormen van een menselijke barrière tussen soldaten en demonstranten, gewoon naar school gaan of je schapen hoeden, zelfs als het leger je probeert tegen te houden, enzovoort.
Ook in Canada ondersteunen CPT vrijwilligers geweldloos verzetvan inheemse bewoners van wie de leefomgeving bedreigd wordt door grote houtverwerkingsbedrijven. Als er barricades opgeworpen worden om de vrachtwagens uit het bos te houden, vertellen de CPT-ers de niet-inheemse Canadezen wat de bezwaren van de inheemse bevolking zijn.

En in Europa houden we ons bezig met het geweld dat vluchtelingen vaak moeten ondergaan. Er is bijna geen veilige manier om Europa binnen te komen.De grenzen wordendoor militairen streng bewaakt. Dit leidt ertoe dat veel vluchtelingen andere, riskantere routes proberen. Duizenden zijn in de afgelopen jaren omgekomen aan de grenzen, vooral in de Middellandse Zee en tussen Griekenland en Turkije.

De start van Christian Peacemaker Teams vond plaats in 1984 tijdens het Doopsgezind Wereldcongres (Straatsburg). Het idee was om duizenden christenen via parachutes in conflictgebieden te droppen. We beseffen nu dat we onszelf en de hulp die we konden bieden,toen nogal overschatten. Tegenwoordig werken er niet alleen christenen voor CTP; onze samenwerking met lokale groepen is de kern van ons werk geworden. We ondersteunen momenteel grassroots initiatieven in Colombia, Palestina, Iraaks Koerdistan en Canada.

Vertaling: Eliza ten Kate